eb78d64e-c906-11eb-8658-0a9cc9cb8194

‘Belfius en Arco gedroegen zich als roofdieren’

Pascal Dendooven

Vlak voor de beoogde beursgang van Belfius lag er een schikking klaar om de coöperanten van Arco schadeloos te stellen. Door politieke onenigheidkwam die vergoeding er niet.

Weten de coöperanten later dit jaar hoe de rechtbank oordeelt over de Arco-kwestie? Nicolas Maeterlinck/belga
Dat er indertijd een schikking klaarlag, zegden de advocaten van de coöperanten op de eerste zitdag van het Arco-proces. Dat vijf dagen durende proces vindt plaats in de oude ¬Navo-gebouwen. Niet dat er zo veel plaats nodig was, want er daagden gisteren nauwelijks twintig coöperanten op.
Op die eerste zitdag werd duidelijk dat het een complex proces wordt. De grond van de zaak, een aandelenrisico dat voorgesteld werd als een veilige belegging, is op het eerste gezicht tamelijk eenvoudig. De talrijke brochures van de Arco Groep en Belfius die de belangenorganisatie Deminor gisteren voorlegde, spreken voor zich. Telkens weer werd spaarders voorgehouden dat ze investeerden in een veilig product dat met een spaarboekje te vergelijken viel maar interessanter was.
De activiteitenverslagen van ¬Arco waarop Deminor de hand wist te leggen, beschrijven hoe er ambitieuze doelstellingen waren om zo veel mogelijk geld bij de spaarders op te halen om de expansie van het toenmalige Bacob te financieren. Een bank die te weinig aandelen¬kapitaal had om haar steeds risicovollere activiteiten af te dekken. Tussen 1995 en 2000 werd zo 900 miljoen euro opgehaald bij spaarders. Kantoordirecteuren werden met incentives aangepord zo veel mogelijk coöperatieve aandelen Arcopar te verkopen aan hun klanten.

De overheid bleef herhalen dat bij Arcopar de spaar­bescherming gold, terwijl ze wist dat dat juridisch allerminst evident was

Vandaar dat Stijn De Meulenaer, de advocaat van Deminor, sprak over een systeem om spaargeld naar aandelenkapitaal te loodsen. Geert Lenssens, de advocaat van de belangenorganisatie ArcoClaim, zei dat Arco en Belfius zich hadden gedragen als roofdieren die het gemunt hadden op het spaargeld van eenvoudige mensen.
De boodschap van ‘veilige belegging die niet onderhevig was aan beursschommelingen’ werd zelfs nog in de markt gezet toen de Amerikaanse zakenbank Lehman Brothers failliet ging en de bank Dexia, waarin Arco zwaar had geïnvesteerd, met belastinggeld gered moest worden. Die boodschap kwam van de voormalige Arco-topvrouw Francine Swiggers.

 

In slaap gewiegd

 

Ook de Belgische staat wordt aangeklaagd. Nochtans stond de overheid initieel buiten de Arco-problematiek, maar zij heeft het aan zichzelf te danken dat ze op het beklaagdenbankje zit, omdat ze zich steeds meer in het Arco-moeras liet meeslepen.

‘Deze zaak werd zeven jaar geleden al ingeleid. Het is van aller maatschappelijk belang dat er nu gepleit kan worden’

Natalie Swalens Voorzitter ondernemingsrechtbank

In 2008 moest de overheid Dexia redden en wilde het dat de privé-aandeelhouders ook een inspanning deden. Dat hield in dat Arco geld moest ophoesten voor Dexia, terwijl het dat geld niet had. De overheid beloofde toen ook dat, als het met Arco slecht zou aflopen, de aandelen Arcopar van de spaar¬bescherming zouden kunnen genieten. Die belofte bleef ze herhalen, terwijl dat juridisch een groot risico was: coöperatieve aandelen van de depositogarantie laten genieten, was allerminst evident.
Toen het fout afliep met de waarborg, volhardde de overheid en beloofde ze een plan B. Maar dat werd niet uitgevoerd wegens politieke onenigheid. De overheid wordt er nu van beschuldigd de ¬coöperanten bewust te hebben willen in slaap wiegen. Voormalig minister van Financiën Koen Geens (CD&V) gaf eerder toe dat de overheid de Arco-coöperanten gerust moest stellen, zodat die hun aandelen niet zouden verkopen toen Dexia en Arco erg kwetsbaar waren. En zo is de rol van de overheid verworden van ‘wilde weldoener met belastinggeld’ tot een ‘bewuste misleider’.

 

Dertien procedurekwesties

 

De resterende vier pleitdagen zal moeten blijken hoe de staat, Belfius en Arco zich zullen verdedigen. Gisteren werd al duidelijk dat dit onder meer zal gebeuren door de klagers weg te zetten als een zeer kleine groep. ‘0,25 procent van de coöperanten’, zei advocaat Dominique Blommaert van Belfius.
Daarnaast belooft het urenlang technische argumenten te regenen en wierp de verdediging maar liefst dertien procedurekwesties op. Die hebben betrekking op de ontvankelijkheid van de dagvaarding, materiële fouten, de aard van de aansprakelijkheid (contractueel versus buitencontractueel) en de verjaringstermijnen.
Deminor had moeite om vragen van de voorzitster van de rechtbank over die buitencontractuele aansprakelijkheid helder uit te leggen. Iets waar de advocaten van Belfius prompt op sprongen. Lenssens (ArcoClaim) probeerde later die kwestie te ontmijnen, maar zijn pleidooi om het hele proces door te schuiven naar de rechtbank van eerste aanleg, werd niet gesmaakt door Deminor. Het is niet zeker dat de ondernemingsrechtbank daar zal op ingaan.
Voorzitster Natalie Swalens wees erop dat de dagvaarding al ¬zeven jaar geleden gebeurde en dat ‘het ons aller maatschappelijke plicht is’ om ervoor te zorgen dat de zaak nu gepleit zou kunnen worden. Met andere woorden: mogelijk weten de coöperanten later dit jaar hoe de rechtbank oordeelt over de Arco-kwestie. Vanochtend pleit Arco en in de namiddag moet Deminor zich verdedigen. De overheid en Belfius komen pas volgende week aan bod.

Share this post

Share on facebook
Share on google
Share on twitter
Share on linkedin
Share on pinterest
Share on print
Share on email